Beluister hier de column

‘Black friday’. Tijdens dit soort weekenden is er heel erg veel verkeer rondom de Mall. U weet het.

Daarom ben ik een aantal keer met de auto naar de Mall gereden. Voor mij niet per se logisch, want wij wonen er om te hoek. Maar om het verkeer zelf uit eerste hand mee te maken pakte ik de auto.

Zaterdag parkeerde ik er, buiten. Aan de kant van de Mac, voor mensen die er bekend zijn. Bij de ingang parkeergarage stak ik het zebrapad over (de voetgangersoversteekplaats). Daar werd ik bijna van m’n sokken gereden door een fietser. Maar niet zomaar een. Een gesoigneerde heer op een keurige fiets. Een eminence grise met bijpassende trui, gouden brilletje. Midden op de oversteekplaats. Ik sprong verschrikt opzij en zei: ‘sjonge meneer, als u dit al doet, hier fietsen…’ De gentleman keerde zich al fietsend om en beet mij toe: “ach, zeikerd..!”. Verbouwereerd keek ik hem na en zei: “maar als een jongere dit doet…” Daarop antwoordde hij met “zeiksnor”.

Zeikerd en zeiksnor met een heerlijk kakkineus accent. Mijn jeugd lag in Bilthoven, of, zo u wilt, Biltheuven. Met dit contact waande ik mij even terug in mijn jeugd. Maar zo gaat het natuurlijk niet. Goed voorbeeld doet goed volgen.

Is het voorbeeld dan dat je op de stoep en zebrapad mag fietsen, of dat je dat niet doet? Of ben ik nou een zeurpiet?