Lieve mensen, het is geen nieuws meer: moeders die met hun kind in een auto slapen omdat de woningbouwverenigng en de gemeente ze niet urgent genoeg vinden voor een betaalbaar flatje. Verleden week kregen krantenlezers in Delft daarvan een schrijnend voorbeeld voor ogen. Daar heeft de mevrouw in kwestie – ze is 41 en heeft trwee kinderen – helemaal niets aan. Deze status helpt haar niet aan onderdak. Bestuurders van woningbouwverenigingen wringen zich de handen. Wethouders en gemeenteraadsleden doen hetzelfde. Het huilen staat hen nader dan het lachen. Vervolgens wijzen ze oorzaken aan en daar kunnen zij heláás niets aan doen.
Helaas.
Het probleem: er zijn veel te weinig woningen in Nederland. De bouw komt maar niet op gang. Vroeger – in de jaren na de oorlog – waren gemeentes zelf projectontwikkelaar maar dat is al lang afgelopen. Daar heeft Enneus Heerma, vader van de huidige minister, een jaar of vijfendertig geleden een einde aan gemaakt.
Te huren valt er minder dan ooit. Een goedbedoelde begrenzing aan de hoogte van veel huren heeft er voor gezorgd dat vooral kleine woningbezitters hun vastgoed hebben verkocht. Nieuwe fiscale maatregelen hebben hetzelfde effect. Zo zit er alleen maar groei in de schrijnende gevallen.
Er zijn twee maatregelen die ervoor kunnen zorgen dat op korte termijn meer woningen vrij komen. De ene is een kwestie van landelijke wetgeving, de andere eerder van mentaliteit. Of eigenlijk: ze zijn allebei een kwestie van mentaliteit.
Als AOW-ers of uikeringsgerechtigden besluiten samen te wonen, heeft dat onmiddellijk zeer negatieve gevolgen voor hun inkomen. Daarom houden ze haast altijd hun eigen woning aan. De overheid steekt geld in sociale rechercheurs die gaan kijken of zulke mensen wel echt in hun woning verblijven. Ze trekken het water- en energiegebruik na. Ze speuren in de brievenbussen of die niet vol zitten. Nu en dan pakken ze iemand en die zit dan verder voor de rest van zijn of haar leven diep in de schuld. Als je daar allemaal mee ophoudt, worden AOW-ers en uittrekkingsgerechtigden belóónd als ze bij elkaar in een huis wonen. Dan nemen hun gezamenlijke vaste lasten immers erg af. Dat is een groot voordeel. Het probleem is: zoveel mensen gunnen ze dat voordeel niet. Dat vinden ze oneerlijk. Daar worden ze jaloers van. Daarom blijven zoveel woningen bezet die anders vrij zouden komen voor schrijnende gevallen.
Veel boomers – lang niet allemaal – wonen riant in een afbetaald maar veel te groot huis dat ze vanwege hun leeftijd niet meer zo goed kunnen behappen. Velen van hen zouden graag willen verhuizen naar een zogenaamd knarrenhofje. Ze wonen dan een stuk kleiner en ze letten op elkaar. Dat is een geweldige oplossing voor de ouderenzorg. Tegelijk komen er gezinswoningen vrij. Niet van die goedkope in veel gevallen maar toch. Senioren die zich tot de gemeente wenden met een dergelijk plan krijgen onmiddellijk massale tegenwerking en gezijk op grote schaal. Dat is nu bijvoorbeeld in de Hoeksche Waard het geval. Ze vinden daar op hun godvergeten gemeentehuis de wachtlijsten blijkbaar niet lang genoeg. In plaats van meedenken is er sprake van tegendenken. En zo zijn die ouderen gedwongen in een veel te grote woning te bljven. Je hoort soms wel eens het woord ¨woonschaamte¨ voor mensen die in hun eentje in een groot huis zitten. De term woonschaamte hoort thuis bij de bestuurders en de ambtearen die met hun regelgeving oplossingen in de weg zitten. Men heeft het dan vaak over goed bedoelde regels. Dat zijn geen goed bedoelde regels. Dat zijn slechte regels die in stand blijven vanwege de grote geestelijke luiheid bij de verantwoordelijken. Laten zij de pip krijgen. Wens ze toe dat ze hun kinderen tot hun veertigste op zolder hebben. Stem ze weg bij de raadsverkiezingen maar het is de vraag of wat je er voor in de plaats krijgt zoveel beter is. En hier is een prachtig lied uit Portugal over je huis. In dat land zijn de woningprijzen trouwens ook door het dak gegaan. https://www.youtube.com/watch?v=ys1aLTnhgPU&list=RDys1aLTnhgPU&start_radio=1