Lieve mensen, de vierde mei ligt met bevrijdingsdag net achter ons. Toch wil ik een onderwerp behandelen dat daar nauw mee samenhangt. Het gaat namelijk om de herdenking van een verzetsdaad. En wat daar momenteel in Delft over te doen is.
Veel mensen kennen de staking die de studenten in Leiden uitriepen toen de Duitse bezetters alle joodse ambtenaren ontsloegen en daarmee ook de professoren onder hen. De decaan van de Leidse rechtenfaculteit, professor Rudolf Cleveringa, verscheen op het college van zijn collega Eduard Meijers om de studenten uit te leggen waarom deze niet op het spreekgestoelte was verschenen. Hij hield een rede waarin hij de wetenschappelijke betekenis van deze joodse collega belichtte om vervolgens de Duitse antisemitische maatregelen aan te klagen. Daarop gingen de studenten aan de Leidse universiteit massaal in staking. Seyss Inquart, de Duitse rijkscommissaris reageerde daarop met een strafsluiting van de universiteit die tot de bevrijding gehandhaafd bleef. Cleveringa en Meijers overleefden de bezetting en zetten hun wetenschappelijke loopbaan voort. Tegenwoordig organiseert de Leidse universiteit elk jaar de Cleveringa lezing over recht en vrijheid.
Cleveringa hield zijn rede op 26 november 1940. Houd die datum even vast.
In Delft begon het studentenprotest al op 22 november. Toen werd bekend dat professor Abraham Josephus Jitta wegens ontslag om zijn joodse afkomst de volgende dag – op zaterdagochtend – zijn laatste college zou geven. Daarop besloten de studenten massaal te komen luisteren ook als ze niets met het vak van Josephus Jitta te maken hadden. Bij de zaal aangekomen bleek hen dat het college was afgelast.
De student Frans van Hasselt hield daarop een toespraak waarin hij zijn woede over het ontslag van Josephus Jitta tot uiting bracht. Dit vergrootte de actiebereidheid om een moderne term te gebruiken. Na het weekend brak er in Delft een algemene studentenstaking uit.
Aan de professoren en hun bestuursorgaan, de Senaat, hadden de studenten niets. Die probeerden alleen maar rust en orde te herstellen. Daar kwamen ze niet ver mee. Ook de Delftse universiteit – toen nog ¨hogeschool¨ geheten – werd door de Duitsers gesloten. Frans van Hasselt kwam in Buchenwald terecht. Dat concentratiekamp heeft hij niet overleefd. Josephus Jitta overleefde de oorlog en kwam weer op zijn leerstoel terug. Hij bewoog zich op de rechtervleugel van de VVD en streed met zijn comité Burgerrecht voor een kleine overheid.
Waarom vertel ik dit verhaal? In Delft is het voorstel gedaan op het Bolwerk een of ander herdenkingsteken te plaatsen voor deze staking en de moed van de deelnemers. Over dat plan is een negatief advies uitgebracht door een groep ambtenaren. De uiteindelijke beslissing is nu aan de gemeenteraad.
Het is duidelijk dat de volksvertegenwoordigers dit ambtelijk advies naast zich neer moeten leggen. We leven momenteel in een tijd van vervolgingen op de hele wereld. In ons eigen land is een luidruchtige antidemocratische minderheid opgestaan, die zich onder meer laat inspireren door het Rusland van Poetin. Dat is reden genoeg om de helden van vroeger, de jonge mensen die de goede kant kozen op het moment dat het erop aan kwam en je er je leven mee in de waagschaal stelde, om die te herdenken. Op het Bolwerk of op een andere – wel drukke – plek in Delft. Je moet vooral niet daadloos blijven terwijl je eindeloos discussies voert over de allerbeste oplossing. We zitten in een schemeroorlog. De vrijheid van ons land is sinds de vijfde mei 1945 niet zo in gevaar geweest. Je hoeft maar naar een talkshow te kijken en je weet wat er aan de hand is. Zeur niet. Richt dat monument op. Toon daadkracht en vrijheidszin. En nu het lied dat mijn vader en moeder hoorden toen ze elkaar kort na de bevrijding ontmoetten en voor het eerst uitgingen. Tenminste ik geloof dat het zo ging: Rum and Coca Cola https://www.youtube.com/watch?v=THUmz7vvld4&list=PLx8kU_D2e4vqMQa4xrQsRwSA5k3uObRQh