Beluister hier de column

Lieve mensen, wij zijn als Nederlanders trots op de manier waarop wij het water beheersen. Althans dat zeggen we graag. En menig buitenlandse gast  komt aan het met het cliché ¨God heeft de aarde geschapen, maar de Nederlanders hebben Nederland geschapen¨. Wij nemen dat compliment onder dankzegging in ontvangst, zeker in onze streken, want de luisteraars naar de Late Avond wonen bijna allemaal achter een dijk onder de zeespiegel.

Het is natuurlijk flauwekul. Als we het hebben over de strijd van Nederland tegen het water, dan is de stand eigenlijk nul nul. Onze voorouders leerden droge voeten houden, eerst door het opwerpen van terpen en later door de aanleg van dijken. Dat laatste doen we een jaar of  twaalfhonderd. Maar alles bij elkaar waren die voorouders eeuwenlang vooral in de verdediging. De zee gaf maar nam vaak nog meer terug. We zeggen het niet maar je kunt als mensen met het water alleen maar tot een vergelijk komen. Dat wordt de laatste tijd opnieuw duidelijk. Je ziet het aan de wadi´s die overal worden aangelegd en waar mijn column van verleden week over ging. Je merkt het aan de uiterwaarden en aan sommige polders die terug worden gegeven aan de rivier. Je zou eigenlijk moeten zeggen dat wij me het water in vreedzame coëxistentie leven.  En als wij een dijk verhogen of nieuw aanleggen, dan tonen we altijd respect, geen vijandschap.

Nu hebben we er – leer ik – een probleem bij. We zijn niet meer de enige soort in ons gebied die aan waterbouw doet. Sinds het begin van de eeuw hebben wij gezelschap gekregen van duizenden bevers. In tegenstelling tot de mensen houden zij vast aan het grote gezin, zodat hun aantallen nog steeds toenemen. Natuurlijke vijanden heeft de bever niet of het moest de wolf zijn, die zich bij ons mensen tegenwoordig ook niet meer in zo´n goede naam mag verheugen. Verder schijnt het dat roofvogels wel eens een beverjong verschalken maar dat moet wel een uitzondering zijn. Vader en moeder bever blijven hun leven lang bij elkaar. De jongen houden zij het liefst in aparte kinderkamers, die deel uitmaken van hun burcht. Jawel, lieve mensen, bevers bewonen een burcht. Meestal zijn dat een paar generaties. De pubers en de jongvolwassenen helpen hun ouders bij het grootbrengen van de kleine broertjes en zusjes.

De ingang van de burcht is altijd onder water. Als de stand daarvan de bevers niet bevalt, dan ondernemen zij ingenieurswerkzaamheden zoals wij mensen dat ook zouden doen.

Dit heeft nu het genoemde probleem opgeleverd:  met hun activiteiten – het graven van lange gangen in dijken, het aanleggen van dammetjes, het vellen van bomen op voor de mens ongelukkige plekken – op al die manieren scheppen zij een omgeving die voor ons mensen veel te nat is. Wat wij te weeg proberen te brengen in samenwerking met de rivieren, doen zij te niet omdat ze andere voorkeuren hebben.

Dat is natuurlijk het goed recht van die bevers. Toch willen sommige mensen maatregelen. Op radio Rijnmond kwam een medewerker van het Waterschap Hollandse Delta aan het woord. Hij wil zijn concurrenten, de bevers, kunnen afschieten als ze teveel ongedaan maken van wat Hollands Delta probeert te bereiken.

Nu mag hij onder voorwaarden wel bevers  vangen maar dan moeten ze elders weer worden los gelaten. Het zijn nu eenmaal beschermde dieren en dat ze er zijn komt door ons zelf. De eerste bevers zijn door natuurbeheerders in de Biesbosch uitgezet.

Nare kant van de zaak: het zijn van die leuke beesten. Dat wil zeggen: het zijn nachtdieren. Je ziet ze haast nooit en ze zijn ook niet uit op contact maar het is heel moeilijk geen bewondering op te vatten voor hun levenskunst. Daarom zingen wij na een halve eeuw nog steeds met Ed en Willem Bever https://www.youtube.com/watch?v=thCi1K3Pqwg&list=RDthCi1K3Pqwg&start_radio=1